Tag Archives: nachtdienst

Afhankelijkheid en eigen regie

onafhankelijkheid en macht

Het klinkt een beetje tegenstrijdig, afhankelijkheid en eigen regie, maar het gaat echt samen. Is dat gek? Nee hoor, want iedereen wil uiteindelijk baas zijn over zijn eigen leven. Als je echt helemaal afhankelijk bent van het verzorgend en verplegend personeel, dan wil je over het kleine stukje wat je nog kan de regie houden.

Aangeven wat zij wil of juist niet doet zij met een bepaalde blik, een oogopslag, met haar ogen knipperen, opzij kijken, omhoog kijken etc. Gelukkig heeft zij een bril waarop een laserpen bevestigd kan worden. Daarmee kan zij woorden of letters aanwijzen op een kaart zodat wij mee kunnen lezen wat zij precies wil zeggen.

Over het algemeen heb ik alleen ‘s nachts met haar te maken, want ik werk niet op de afdeling waar zij verblijft. Erg goed kennen wij elkaar dan ook niet. Dat vindt zij vervelend, maar ik net zo goed. Zeker in het begin begreep ik echt al die knikjes en blikken niet. Het enige wat er dan opzat was haar de bril met laserpen opzetten zodat zij het op die manier aan mij duidelijk kon maken. Heel vervelend voor haar, want eigenlijk was ze daar te moe voor. Zeker omdat zij soms drie keer per nacht het gevoel heeft dat zij niet lekker ligt.

Nu, een jaar verder, begin ik haar steeds beter te begrijpen en hoef ik niet altijd meer terug te vallen op de laserpen. Haar kussen moet boller in haar hals, het dekbed ligt niet goed, zij wil iets meer naar rechts of naar links, haar handen liggen niet goed, of het raam moet open (of juist dicht). Soms wil ze dat ik haar mond schoonmaak, net als in mijn laatste nachtdienst. Ik pakte het laatste doekje en voordat ik weer bij haar weg ging besloot ik alvast een stapeltje van die doekjes op het nachtkastje neer te leggen. Ik wist dat ze in één van de laden van haar kast lagen, maar in welke la, dat stond me niet meer voor de geest. Uiteraard vond ik ze in de laatste la die ik opendeed. Achter me hoorde ik haar geluiden maken. Waarschijnlijk wilde ze me duidelijk maken welke la ik moest hebben, maar na alle aanwijzingen die ik gehad had besloot ik gewoon verder te zoeken.

Ik legde het stapeltje doekjes op het nachtkastje en zei toen tegen haar: “Niet verder vertellen hoor, maar eigenlijk was ik gewoon heel nieuwsgierig naar wat er allemaal in die laatdes zit.” Het was even een gokje of ze dit grapje kon waarderen. Gelukkig lachte ze naar me en haar duim ging een klein beetje omhoog, ten teken dat het goed was.

Soms is het lastig, al die kleine dingen die net even anders moeten, want het lijkt vaak een kwestie van millimeters. En toch, het is het enige waar ze nog invloed op kan uitoefenen. Het enige waar ze nog de regie over heeft.

Advertisements

Bang, boos of allebei?

bang, boos of allebei

We hebben twee terminale cliënten op de afdeling. Beiden zijn hier tijdelijk tot er een plekje vrij komt op een palliatieve afdeling. De één, hij is van mijn leeftijd, is er rustig onder. Hij wil bij de eerste controleronde een flesje nutridrink en een kan water met ijsblokjes. Verder geen controles ‘s nachts.

De ander is stukken ouder en is er duidelijk niet aan toe dat hij dood gaat. Hij is boos, is in nood en heeft hulp nodig. Tijdens de eerste nacht belt hij regelmatig. “Ik ben in nood, ik heb hulp nodig en jullie doen niks. Jullie laten me gewoon dood gaan”, is zijn klacht. Daar komt bij dat hij vindt dat ik niet snel genoeg op zijn bel reageerde. Ik doe een poging om uit te leggen dat ik bij iemand anders was en daar niet meteen weg kon. “Ja, jullie hebben voor iedereen tijd, behalve voor mij. Ga maar weg, laat mij maar gewoon dood gaan.”

Ik vraag hem of hij een glaasje warme melk wil zodat hij daarna misschien even kan slapen. Dat wil hij wel en dankbaar drinkt hij het glas leeg. Daarna overleg ik of het misschien beter is om het licht uit te doen. “Doe maar.”

Hij slaapt inderdaad van drie uur tot een uur of vijf. Daarna begint het bellen iedere tien minuten. “Ik heb hulp nodig!” Ik vraag hem wat ik voor hem kan doen. “Dat moet u mij niet vragen. U bent de expert. Ga ook maar weg, laat mij maar gewoon dood gaan.” Hij draait zich van mij af en contact krijg ik niet met hem.

Toevalligerwijs heb ik de E-learning “Palliatieve zorg” net afgerond, maar met alle tips die ik daar tegenkwam kan ik met deze man helemaal niets. Hij wordt bij alles wat ik zeg boos en ik voel me eigenlijk best een beetje tekortschieten. Iets wat niet hoeft, want ik had van collega’s ook al begrepen dat het allemaal niet makkelijk verloopt met deze cliënt.

Op een gegeven moment hoor ik hem hard praten en reageert er een vrouwenstem. Ik loop naar zijn kamer en kijk tegen wie hij praat. Er is niemand, hij telefoneert en is ook boos op degene die hij aan de lijn heeft. “Laat dan maar, niemand wil mij helpen. Laat mij maar gewoon doodgaan” en ik zie dat hij zijn telefoon van zich af gooit.

Als ik weer naar hem toe ga neem ik een kalmerend tabletje mee, dat gaat z’n werk wel doen, maar niet meteen. Hij bleek een vriendin te hebben gebeld om te vragen of zij z’n zoon wilde bellen. Zij vond het daar nog wat vroeg voor en daar was ik het wel mee eens. Hij duidelijk niet, want door niet zijn zoon voor hem te bellen begon hij “Brand! Brand!” te roepen. Het uiteindelijke resultaat was dat ik zijn zoon belde en toen ik naar huis mocht kwam deze de afdeling op hollen. Zijn vader had hem gebeld, en was in nood. Ik heb even met zijn zoon staan praten en even een en ander uitgelegd. Daar werd zijn zoon gelukkig wat rustiger door.

De tweede nacht begon deze cliënt meteen met bellen. Zo’n vier keer in een half uur. Ik was nog maar net binnen en reageerde direct op zijn bellen. “Goh, u bent er al” reageerde hij verbaasd. Weer wilde hij hulp en weer kon hij niet aangeven waarmee. Ik probeerde zijn hand vast te pakken en wilde gewoon even bij hem blijven. Daar was hij duidelijk niet van gediend. “Rotwijf, je bent al net zo erg als de rest”. Ik had werkelijk geen idee wat ik met hem aanmoest. Hij zag er nogal verhit uit, maar ik had begrepen dat hij het nogal snel koud had. “Zo te zien heeft u het warm, zal ik het raam een stukje open zetten?” Het mocht en daarna heb ik hem de hele nacht niet meer gehoord. Af en toe liep ik bij hem naar binnen, maar hij lag heerlijk te slapen.

Zou dat gewoon het hele probleem zijn geweest? Had hij het gewoon te warm en kon hij dat niet meer uitleggen? Ik zal het nooit weten, want de volgende dag wordt hij overgeplaatst.