Monthly Archives: April 2017

Chopin meets The Blues

Chopin

Daar zaten we dan, de culturele elite van Emmeloord zoals Peter Beets ons noemde, op het podium in Het Voorhuys. Het was waarschijnlijk wat jammer voor het Peter Beets Trio, want de zaal was niet uitverkocht. Verre van dat, het hele gezelschap paste op het podium in een halve cirkel om het trio en de twee klassieke zangeressen heen. Petje af voor de reactie van Peter, want het moet toch een teleurstelling zijn geweest. Hij vond het geweldig dat wij de stap hadden gewaagd om naar het optreden te komen.

Dat vonden wij achteraf zelf eigenlijk ook wel. Ik was best nieuwsgierig naar wat er zou ontstaan wanneer klassieke zangeressen hun liederen zouden zingen terwijl het Peter Beets Trio er een Blues lijn onder zou improviseren. Zo’n klassiek lied krijgt dan een hele andere uitstraling die evengoed mooi is. En dat meen ik echt, het kreeg schwung en werd er ‘warmer’ van.

Peter vertelde over de akkoordenschema’s waar hij aan gewerkt had. Dat klonk mij bekend in de oren, want sinds ik aan Sing a Song doe werk ik, of liever worstel ik, ook met akkoordenschema’s. Op een ander niveau hoor, dat geef ik grif toe. Weet je, als het trio de intro speelde klonk het echt geweldig en ook tijdens de begeleiding van het lied klonk het mooi. Er ontstond een ander soort sfeer dan dat zo’n lied normaal gesproken heeft.

Maar dan kwam het tussenspel en dat begon eigenlijk iedere keer met het mee stampen van de schoenen van de pianist. Eigenlijk begrijp ik nu pas waarom er onder de vleugel waar ik les op heb een kleed licht. Je zal de hele dag leerlingen over de vloer krijgen die mee stampen. Daar word je als pianoleraar helemaal gek van, denk ik. Maar goed, dat even terzijde.

De pianist raakte op zo’n moment helemaal op dreef en het leek alsof hij niet meer kon stoppen met improviseren. Beide zangeressen keken elkaar dan ook vertwijfeld aan alsof ze wilden zeggen: “En wanneer mogen wij nu weer?” Hij stampte maar door en riedelde er flink op los op de piano. Als ik heel eerlijk ben leken de improvisaties bij de verschillende liederen wel erg op elkaar.

Dezelfde loopjes in een andere toonsoort en verder had het dan voor mijn gevoel ook niets meer met het lied te maken wat gezongen werd. Er zat zelfs niets in wat een beetje af te leiden was van het lied en dat vond ik dan toch wel jammer, want in het voorspel was dit wel te herkennen.

In de pauze verkocht het trio cd’s en dat liep niet geweldig, zo liet Peter weten. Hij vond dat jammer en zo besloten zij een prelude van Chopin te laten horen die ook op de cd stond.

Het intro was duidelijk herkenbaar, inderdaad één van de preludes van Chopin. Een poosje ging dit goed tot hij weer begon mee te stampen en er iets heel anders kwam wat voor mij niet hoorbaar was als iets wat nog met Chopin te maken had. Dat gevoel werd nog eens versterkt toen hij de drummer een solo liet spelen. Het was werkelijk geweldig drumspel, maar het was niet duidelijk wat het met Chopin’s prelude te maken had, maar de drummer genoot er zelf enorm van. Ook hij wist van geen ophouden. De hele prelude duurde op deze manier toch gauw een kwartier.

Tijdens één van de liederen kreeg de bassist een knikje en ook hij mocht een stukje solo improviseren. Zijn vingers leken wel los te zitten zo flierefluiterden ze over de snaren en het was mooi, maar ook dit had niets meer met het lied te maken. Bovendien raakte ik wat gespannen en zat op het puntje van mijn stoel om toe te kunnen snellen wanneer hij met bas en al naar voren zou struikelen, zo gevaarlijk leunde hij over het instrument heen om ergens beneden de snaren te beroeren. Gelukkig liep dit allemaal goed af en ging hij weer rechtop staan. Dat scheelde weer een heldendaad voor mij. Eigenlijk ook wel wat jammer, want dan had ik misschien de krant wel gehaald.

Ik denk dat jullie inmiddels wel begrepen hebben dat Blues niet helemaal mijn ding is, maar gelukkig hing er wel een mooie kroonluchter.

Een handkus

 

handkus

Hij is nog jong, net zo jong als mijn jongste dochter en zij wordt dit jaar dertig. Zij is gezond, hij ligt de hele dag in bed en is afhankelijk van onze zorg en krijgt een aantal keer per dag sondevoeding.

Aan het hoofdeind van zijn bed staat een grote passpiegel in een bepaalde hoek, zodat hij via die spiegel kan zien wie er zijn kamer binnenkomt en wat er op de gang gebeurt. Elke dag is hij blij met kleine dingen en hij lacht als ik iets doms doe, al is het maar dat ik iets vergeten ben mee te nemen.

“Oeps, ik moet je sonde doorspoelen, maar ik ben vergeten om een beker water te pakken. Domme Wilma!”

“Ja” roept hij en lacht.

“Heb ik nu alles? Nee, nu ben ik weer vergeten een schone broek voor je te pakken. Moet je weer wachten tot ik terug ben. Ik ben vast nog niet helemaal wakker.”

Iedere keer wanneer ik klaar ben met zijn verzorging zeg ik: “Nu even kijken of je mij wel kan zien” en ik verplaats zijn spiegel iets, zet ‘m iets schever en loop dan naar de deuropening.
“Ja, ik kan jou zien. Dan kan je mij ook zien!”

Hij lacht en ik blaas een handkus zijn kant op. “Vangen!”

 

Mag niet van de regering

Mag niet van de regering

Het valt niet mee als je Niet Aangeboren Hersenletsel hebt en je daarbij ook nog autistisch bent.

‘s Morgens zit hij op de rand van zijn bed te wachten tot je hem om half acht komt helpen. Dan is hij blij dat je er eindelijk bent. Hem helpen wassen en aankleden is een klein drama. Zowel voor hem als voor ons, want daar heeft hij eigenlijk geen tijd voor. Nee, want hij moet eten en dat er pas om acht uur iemand is die daarvoor zorgt zegt hem niet veel.

Zo gaat het met alles: Wachten tot we gaan eten en dan geen tijd hebben om te eten, want hij moet ook nog slapen. Ik spreek mijn hele voorraad geduld aan, of sluit me af voor zijn gedrag. Dat gaat de ene dag beter dan de andere dag.

Hij had zijn bord leeg, moest zijn toetje ook nog opeten. Tja, het valt niet mee. Daarna hielp ik hem met de sta-lift naar het toilet. Dat “moest” uiteraard niet, want hij moest slapen. Van mij moest het echter wel en het was ook hard nodig.

Eenmaal van de toilet af stond hij in de sta-lift te schreeuwen dat het allemaal veel te lang duurde.

“Schiet eens op. Ik mag niet zo lang staan. Dat mag niet van de regering”.

Volgens mij wordt het tijd dat het nieuwe kabinet daar iets aan gaat doen, maar dat heb ik maar niet gezegd, want zulke grapjes kan hij niet waarderen. Ik deed hem zijn inco om en hees zijn broek omhoog. Gauw naar zijn bed met die lift en daar zat hij, alweer te schreeuwen: “Kijk eens wat je gedaan hebt!” Zijn hemd zat niet in zijn broek.

“Dat ga ik nu doen, want ik moest opschieten omdat jij niet zo lang mag staan van de regering.”

“Mag wel”, schreeuwde hij boos.

En dan ligt hij in bed, steekt zijn hand naar me uit en vraagt of we nog vrienden zijn.

Eigen regie

IMG_6462

Kijk, zo ziet mijn hersen-ladekast er uit. Ik kwam ‘m zomaar tegen in de Libelle en herkende ‘m meteen. Bij zijn er etiketten opgeplakt zodat ik weet wat er in zit. Sommigen kunnen beter dichtblijven, daar staat dan ook ‘gesloten’ op. Als die opengaan voegt het weinig toe, of ik kan niks met de inhoud. Overigens is die van mij wel donkerder en staan er geen snuisterijen op, want dan wordt het wel erg druk in mijn hoofd en dat is het soms toch al.

Soms floept er zomaar zo’n laatje open. Alhoewel, helemaal zonder aanleiding gebeurt dat niet. Neem nu dat laatje waar de Schumann akademie inzat, die ging open doordat ik naar straatmuzikanten stond te luisteren, maar misschien ook wel doordat ik eindelijk weer eens voor publiek piano ging spelen.

Laatst ging het laatje ‘begrafenis’ open. Ook daar was een aanleiding voor, want mijn tante is nog niet lang geleden overleden en mijn lief en ik waren naar de crematieplechtigheid. Er kwam van alles bij me naar boven, wat ik op dat moment maar weer even in het laatje terug gestopt.

Het grootste deel van mijn leven hoorde ik bij een kerk en begrafenissen of crematies werden vanuit die kerk geregeld. In dat deel van mijn leven stond ik ook verder niet stil bij hoe ik dat zelf zou willen. De laatste tien jaar ga ik niet meer naar de kerk. Wel ging ik af en toe met mijn lief mee als hij een kerkdienst moest spelen, maar ik vind er niks. Eerlijk gezegd vroeg ik me al die keren af wat ik daar nu eigenlijk deed. Als ik dat eenmaal ga denken moet ik gewoon niet meer gaan. Heel af en toe vroeg ik me wel af hoe dat dan moest met een begrafenis. Via een kerk waar ik nooit kom is voor mij geen optie. Dat vind ik dan eerlijk gezegd ook wat hypocriet. Maar wat dan? Mijn lief iets laten zeggen, wat muziek en dan stilte zodat iedereen mij zich op zijn eigen manier kan herinneren? Dat lijkt het me een wat kale aangelegenheid.

Mijn tante heeft, samen met mijn oom en mijn twee nichten, haar eigen plechtigheid geregisseerd. Eerlijk gezegd vond ik dat een mooi gegeven en ik pakte de ‘wensenuitvaart’ er maar weer eens bij die ik ooit gedownload had. Eerlijk gezegd ben ik nog niet veel verder gekomen dan bij het deel ‘muziek’. Bij mijn begrafenis of crematie, zelfs daar moet ik nog over nadenken, wil ik dat er piano gespeeld wordt. De pianist heb ik vast uitgezocht en een lijstje met werken gegeven. Voor hem is het te hopen dat ik niet nog honderd keer van gedachten verander. Trouwens, als ik net zo oud word als mijn vader (hij wordt dit jaar 89), dan is die pianist ook oud en is het maar de vraag of het met dat pianospelen allemaal nog wel wil.

Ik kan natuurlijk ook alles zelf instuderen en dan door mijn lief op laten nemen. Kijk, dat is pas origineel, dan spelen ze de video af en zien mij achter de piano. Ik zou dan zelfs nog even iets kunnen zeggen tegen de aanwezigen. Bijvoorbeeld iets in de trant van: “Het leven was leuk met mij, maar nu moeten jullie zonder mij verder. Dat gaat jullie lukken, daar ben ik van overtuigd.”

Het liefst zou ik mijn plechtigheid zelf ook meemaken, dus ben ik van plan om in een hoekje tegen het plafond te gaan hangen, net alsof ik met heliumgas ben gevuld.  En nu niet denken dat ik spot met de dood, want dat is absoluut niet zo. Ik kijk van bovenaf naar de aanwezigen en misschien denk ik dan wel: “Kijk, mijn lief heeft de tranen in zijn ogen, maar houdt zich groot, en wat spreekt hij mooi over mij. En jij daar, waarom zit jij eigenlijk te huilen? Je had toch een hekel aan me? En wat doe jij hier? Had jij niet het contact met mij verbroken? Ga hier dan ook niet zitten snuffen, doe dat maar lekker thuis. O, en kijk nu, zij is er ook en haar had ik hier echt niet verwacht. Wat een onverwachte verrassing. En moet je nu horen! Die pianist maakt gewoon z’n eigen variatie van het Adagio uit het pianoconcert van Bach. Ach, eigenlijk klinkt het best mooi zo. Hé, nu speelt ‘ie gewoon een verkeerde noot. Ach ja, dat overkwam mij ook als ik voor publiek speelde. Moet kunnen, een kniesoor die daarop let. En hoor eens wat mijn dochter over me zegt. Ik was waarschijnlijk best een leuke moeder.

En dan, als het allemaal achter de rug is laat ik mezelf leeglopen en kruip stiekem terug in de kist. Wat daarna komt weet ik niet. Trouwens, voorlopig ben ik nog niet zo ver. Ik vind het leven veel te mooi, dus geniet ik van alles wat ik kan en doe. Daar is het leven uiteindelijk voor, om te leven en er zoveel mogelijk uit te halen.

De Schumann Akademie

Schumann akademie

Bijna negen jaar geleden bekeek ik voor het eerst de website van de Schumann Akademie en diep van binnen bedacht ik dat ik daar best heen zou willen. Gewoon voor de lol om meer te begrijpen van muziek, niet om er mijn beroep van te maken. Ik was bijna klaar met de opleiding voor Verzorgende IG maar besloot uiteindelijk verder te leren voor MBO verpleegkundige. De Schumann Akademie verdween in een laatje in mijn hersenkast. 

Na twee jaar flink buffelen  was ik in 2010 klaar en mocht ik mij verpleegkundige noemen. Niet lang daarna sprong het laatje open en floepte de Schumann Akademie er zomaar uit. Ergens diep van binnen leek het me nog steeds gaaf om zo’n opleiding te volgen. Uiteindelijk werd het niks want doordat mijn relatie strandde stond ik er financieel minder rooskleurig voor. Ik had er doogewoon geen geld voor. Ik was al lang blij dat ik in de gelegenheid was om de dingen te blijven doen die ik leuk vond. Mijn pianolessen wilde ik niet kwijt, ik had een piano in huurkoop en zong ik het Waterlands Kamerkoor. Met volle kracht werd de Schumann Akademie in het laatje terug gestopt en dat draaide ik meteen maar op slot ook. Een afgesloten hoofdstuk was het. Misschien later, als ik met pensioen was. Toen wist ik nog niet dat ik moet blijven werken tot bijna 68 jaar. Ondertussen overwoog ik wel om een managementopleiding te gaan volgen. Mensen wat ben ik blij dat ik dat nooit gedaan heb. Het is iets wat niet bij me past, terwijl mensen om me heen daar totaal anders over dachten. “Dat is echt iets voor jou, jij staat stevig met twee benen op de grond, laat je niet snel van je stuk brengen. Echt, zo’n functie is jou op het lijf geschreven.” En ach, misschien kan ik dat ook wel, ik denk alleen niet dat ik er gelukkig van wordt. Sterker nog, dat weet ik wel zeker.

Vorige week, toen ik in Brugge een knoop in mijn maag kreeg bij het horen van de muziek die de straatmusici maakten sprong het laatje zomaar weer open. Ik denk dat het slot doorgeroest was, en ja hoor, de Schumann Akademie spookte weer rond in mijn hoofd zodat ik besloot om de website maar weer eens te raadplegen.

Ik blijf het een dure aangelegenheid vinden, maar het geld heb ik er nu wel voor. Tijd blijft een wat rekbaar begrip, maar ook dat heb ik nu meer. Nu struikelde ik over de afstand, want tja, ik moet er dan ‘s avonds voor naar Utrecht. Weliswaar maar één avondin de week, maar wel een lange avond. Laat thuis en meestal staat dan de wekker de volgende dag gewoon weer op half zes. Toen ik nog in Purmerend woonde kon ik die opleiding in Amsterdam Noord volgen. Dat was zelfs met de bus te doen. Maar ja, dat was toen. Twijfelkont als ik kan zijn ging ik mijn hoofd er ook nog eens over breken of ik wel genoeg in mijn mars zou hebben voor deze opleiding. Kortom, ik twijfelde, wist het niet, herkauwde de website nog een paar keer en zag ineens dat de vooropleidingen deel 1 en 2 schriftelijk waren.

Sinds vorige week ben ik student voor de “Vooropleiding Klassiek, schriftelijk (1e fase). Ja, je begrijpt het goed, ik heb me aangemeld en ben aangenomen. De eerste vijf lessen heb ik ontvangen en gisteren, voordat ik aan mijn avonddienst begon,  heb ik een begin gemaakt met de eerste les. Ik heb geen idee hoe moeilijk dit wordt, maar heb er reuze veel zin in. Zoals ik er nu over denk ben ik al tevreden met de eerste en tweede fase van de vooropleiding. Daarmee vergroot ik mijn kennis op dit gebied en wat ik ooit al heb geleerd komt weer bovendrijven. Wat daarna komt zie ik dan wel weer. Wie dan leeft, die dan zorgt.

 

Een knoop in mijn maag

een knoop in mijn maag

Ken je dat, een knoop in je maag? Het overkwam mij de afgelopen tijd nogal eens en elke knoop werd veroorzaakt door muziek. Soms doordat de muziek mooi en indringend was, en soms doordat ik bepaald werd door iets uit het verleden.

Mijn lief en ik waren een paar dagen in Brugge en bleven een poosje staan luisteren naar een groepje straatmusici. Misschien niet de goede benaming, maar zo is wel duidelijk wat ik bedoel. Een viool, een accordeon en een balalaika. Bij het tweede stuk wat ze speelden kreeg ik meteen zo’n knoop in mijn maag en stroomden de tranen zomaar uit mijn ogen. Niet te stuiten was het, zodat ik ook maar geen moeite deed om ze weg te vegen. Dat deed ik pas voordat ik aan de vrouw ging vragen wat zij voor instrument bespeelde, want ik kende het niet. Het bleek de balalaika te zijn. Hier was het puur de muziek die deze knoop veroorzaakte.
Gisteren speelde ik piano voor publiek. Mijn dagmerries bleken gelukkig geen waarheid te worden. Er zat publiek en ja, ik speelde af en toe een fout nootje, maar kon daar niet mee zitten. Vroeger had ik daar wel last van, dan spookte zo’n fout nog heel lang door mijn hoofd. Goddank is die eigenaardigheid verdwenen. Eén van de koorleden zei ook: “Volgens mij speel jij net zo makkelijk voor publiek als thuis.” Tja, zo zag het er waarschijnlijk ook uit. Van het geroezemoes, wat door de doorloop ontstond en van het gerammel van koffiekopjes heb ik eerlijk gezegd niets gemerkt. Daar kon ik me helemaal voor afsluiten. Sterker nog, ik heb het echt gewoon niet gehoord.

Toen ik ons koor op ging zoeken werd ik staande gehouden door een vrouw die ik niet kende. Zij gaf mij een groot compliment, want ze had genoten van mijn spel en haar hart was opengegaan bij het horen van Bach. Daar kreeg ik een brok van in mijn keel, maar nog geen knoop van in mijn maag. Van die knoop kreeg ik pas later nog twee keer bezoek.

Voordat wij als koor optraden zat ik te luisteren naar een ander koor. Ineens was die knoop daar. Niet door de muziek, maar door de spanning die mijn eigen spel toch met zich had meebracht. Een knoop in mijn maag en tranen in mijn ogen die ik gelukkig kon beperken door mijn aandacht te verleggen naar het koor wat zong.

Nadat ik mijn rol als bladluis, een leuke naam voor iemand die de bladzijden omslaat bij een ander, had vervuld ben ik nog blijven luisteren naar twee koren. En daar kwam die knoop weer toen een koor “As Torrents In Summer” van Edward Elgar inzette. Overigens is dit niet het koor wat in de link te beluisteren is en ook niet het koor waar ik vroeger zelf in zong.

https://www.youtube.com/watch?v=tBjVKpVN5dM

Het is iets wat ik zo’n 23 jaar geleden meezong in een kamerkoor. Ik was druk bezig mezelf terug te vinden na mezelf voor een groot deel te zijn kwijtgeraakt en kan ook precies uitleggen waarom ik hier een knoop van in mijn maag kreeg. Het symboliseert een periode in mijn leven waarin ik mezelf en mijn muzikaliteit terugvond. Een periode voordat mijn leven een puinhoop werd. En soms is het jammer dat er nu, 25 jaar later, nog steeds naweeën  zijn  vanuit die periode. Ik heb er mee leren leven door vooral mijn eigen weg te zoeken en niet meer van mezelf af te dwalen.