Het ondergebit

Vannacht had ze last van haar ondergebit, zodat ze het uit haar mond deed. Omdat ze de nachtzusters niet tot last wilde zijn heeft ze het op haar borst gelegd. Zelf van houding veranderen kan ze niet, dus het ondergebit lag daar veilig dacht ze.

Helaas, het is weg, foetsie verdwenen. Overal wordt gezocht: In de waszak, in de vuilniszak, onder het bed en in het bed. Uiteindelijk wordt het bed helemaal afgehaald en zelfs onder het matras wordt gekeken. Nergens is het gebit te vinden.

Alle hoop is gericht op de nachtzuster. Misschien heeft zij het ergens neergelegd, of in haar zak gestopt en het er niet meer uitgehaald.

’s Morgens krijgt ze bezoek en ook zij doorzoeken de kamer en het bed nog een keer. Weer wordt het gebit niet gevonden. Ze vindt het vreselijk, want ze heeft nu zo’n mummelmondje en bovendien is het lastig met eten.

Na de warme maaltijd halen we haar op uit het restaurant. Ze heeft wel lekker gegeten, maar het deed allemaal wel wat zeer aan haar tandvlees. Zelfs de kroket, die ze altijd eet tussen de middag, gaf problemen met eten.

Ondanks dat er al twee, misschien wel drie keer gezocht was, besluit ik ook nog een poging te wagen. Je weet tenslotte maar nooit….

“Misschien ligt het op de kast”, zegt het bezoek.

Dat lijkt me sterk, maar ik pak het trapje er bij en kijk boven op de kast. Geen gebit natuurlijk. Ook niet in haar nachtkastje.

Mijn collega zoekt ook nog een keer mee, kijkt zelfs in het gebittenbakje, maar ook daar is het niet ineens opgedoken.

Ze gaat naar bed om te rusten, samen trekken we eerst haar jasje uit en uit gewoonte wrijf ik even over haar rug. Warempel, op haar schouderblad voel ik iets wat er niet hoort. Ik voel onder haar bloes en hemd en vis het ondergebit tussen het hemd en haar huid uit. Precies op het rechterschouderblad. Daar voelt ze veel minder, want door haar hersenbloeding is ze rechts voor een groot deel verlamd.

Sommige mensen hebben haar op hun tanden, anderen ogen in hun achterhoofd en zij had tanden op haar rug.

“Kijk eens wat ik gevonden heb?” zeg ik tegen haar. “Wat jammer nou dat ik niet vóór het eten over uw rug heb gewreven, dan had u gewoon van uw kroket kunnen smullen.”

Ik poets het ondergebit, laat het bezoek weten dat het weer terecht was en doe het in haar mond. Gelukkig hoeft ze nu niet opnieuw te ‘happen’ voor een nieuw exemplaar.  Daar zag ze nog het meest tegenop.

 

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s